Als je kind een ontwikkelingsstoornis heeft

Het opvoeden van kinderen is geen sinecure, dat zal iedere ouder zonder meer beamen. Maar als je kind een ontwikkelingsstoornis blijkt te hebben, wordt de opvoeding er allesbehalve gemakkelijker op. Een ontwikkelingsstoornis is een breed begrip: over het algemeen kan dit geclassificeerd worden als iedere neurologische of psychische aandoening die een belemmering vormt in de normale ontwikkeling van een kind of jongere. De verschijnselen van een ontwikkelingsstoornis kunnen dan ook zeer uiteenlopend zijn, evenals de oorza(a)k(en). Niet iedere ontwikkelingsstoornis hoeft een blijvend karakter te hebben, maar in veel gevallen is het wel belangrijk om tijdig adequate hulp in te schakelen. Een ontwikkelingsstoornis die in de kindertijd onbehandeld is, kan immers ook (soms verregaande) gevolgen hebben op latere, volwassen, leeftijd, hoewel de kans op een geslaagde behandeling dan sterk is afgenomen.

Breed spectrum aan ontwikkelingsstoornissen

De DSM-IV onderscheidt verschillende vormen van ontwikkelingsstoornissen. Een leerstoornis, zoals dyslexie of dyscalculie, uit zich immers op een ander vlak dan een eetstoornis zoals pica (de drang om niet-eetbare zaken te eten). Ook gedragsstoornissen zoals ADHD, ODD en CD vallen onder de noemer ‘ontwikkelingsstoornis’, net zoals autisme en PDD-NOS. Als ouder kan het behoorlijk ingewikkeld en zelfs frustrerend zijn om een kind te hebben met een ontwikkelingsstoornis: je wil zo graag je opvoeden en begeleiden, maar je weet niet altijd hoe. Een orthopedagoog kan je helpen om de stoornis van je kind in kaart te brengen en, samen met andere hulpverleners én met het gezin, een behandelplan op te stellen.